Verslag Serres Rally deel 2: De proloog.

Categories: Nieuws

Als ik bij de start van de proloog op mijn beurt sta te wachten komt teamgenoot Henk Knuiman net terug van zijn rondje van 18 kilometer. Hij stopt bij me. Ik zie aan zijn bezwete gezicht dat hij hard heeft moeten werken. Hij geeft aan dat er veel ronde stenen op het parcours liggen en dat ik rustig moet rijden. Ik sta meteen op scherp. Dan is het mijn beurt en rij naar de grote Redbull opblaasboog waar de start is. De adrenaline begint onrustig door mijn aderen te stromen. Ik sta stijf van de spanning. De marshall begint af te tellen; 5,4,3,2,1 GO!  Ik geef de motor van jetje. Het geluid uit de uitlaat weerkaatst door het bos. Daar ga ik en probeer zo snel mogelijk door de opgedroogde rivierbedding weg te rijden. De rivierbedding doet me gelijk denken aan Marokko. Daar kregen we regelmatig opgedroogde rivierbeddingen vol met losse stenen voor de kiezen.

Ik vergeet meteen het advies van Henk en de strategie die ik de afgelopen dagen had bedacht; rustig rijden. 18 kilometer, een rondje van niks zou je zeggen. Ik kom er snel achter dat ik mij beter aan mijn strategie had kunnen houden. De paden van zand, gravel en wat stenen veranderen plots in smalle paden met zeer stijle hellingen, rotsen en geulen die ik nooit eerder heb bereden, laat staan met de relatief zware rallymotor. Tel daar de bijna volle benzinetanks bij op en je hebt het recept voor een uitdaging.

Na enkele kilometers begint de vermoeidheid aardig toe te slaan. Mijn spieren verzuren en de kracht neemt af.  Dan kom ik bij een zeer stijle helling met een door water uitgeslepen geul. Ik geef vol gas maar ik rij mijzelf vast. Ik kan niet meer en ben helemaal leeg. Met hulp kom ik boven. Potver. Bovenaan staat Marcel Vermeij foto’s te maken. Ik moet even rusten. Dat begint lekker. Geen actiefoto vandaag.

Ik baal omdat ik veel te agressief ben begonnen en daarmee al veel kracht heb verloren.

Na 10 kilometer zit ik er even helemaal doorheen. Ook al is het 30 graden, ik heb koude rillingen, ben een beetje duizelig en moet even rusten.  Ik ken het gevoel van de rally in Marokko. Daar heb ik ook zo’n moment gehad. Na wat rust kan ik weer. Ik eet en drink wat en bel de organisatie en meld dat ik even wil uitrusten en daarna weer verder ga. Race control had al gezien dat ik stilstond door de live tracking waarmee elke deelnemer is uitgerust. De stem aan de telefoon meld dat er al iemand onderweg is en even later komt er een 4×4 aangereden. Hij zegt dat ik moet instappen en dat iemand de motor naar het bivak brengt. Ik geef aan dat ik even wil rusten en dan verder wil rijden. Het heeft geen zin.  Met de 4×4 pakken we de laatste stijle afdaling. Potver. Na 75 meter komen we weer op de normale paden. Als ik dat geweten had…

Eenmaal aangekomen bij de start mag ik na enig overleg door het medisch team en de organisatie instappen in een griekse ambulance. Inmiddels ben ik weer uitgerust en heb nergens meer last van.  Het is erg gezellig in de ambulance en bij aankomst bedank ik voor de hulp en wil richting het team lopen. Helaas, ik mag ook nog even een bezoek aan de EHBO tent brengen. Met 6 man om mij heen worden hartslag en bloeddruk  gemeten. Je hartslag is nog wel wat hoog (96) merkt 1 van hen op.  Ik geef aan dat het best warm is in het pak dat ik draag. De dame geeft een bevestigende knik en zegt me dat ik mag gaan. Ik baal van het verloop van de dag maar ik heb wel vrienden gemaakt!

Terug bij het team leg ik uit wat er is gebeurt. Frans Verhoeven herkent het probleem dat hij zelf ook ziet bij deelnemers aan de rallytrainingen die hij geeft. Als ik een stijle beklimming doe houd ik onbewust mijn adem in. Als je dat vaak achter elkaar doet krijgen je spieren en hersenen niet genoeg zuurstof en raak je oververmoeid. Het advies: Door ademen… Als even later een lokale enduro held met mijn motor aankomt vraag ik hoe hij hem vond rijden. Ik krijg een brede glimlach terug met de opmerking in gebrekkig engels: Nice traktor! Ik beloof hem een biertje aan het einde van de week.

Deze proloog had ik mij heel anders voorgesteld en baal enorm. Het voelt als falen. Aan de andere kant moet ik mij realiseren dat ik hier kom om kilometers te maken, veel te leren en plezier te hebben.  Het is jammer dat ik niet door mocht rijden maar het geeft wel aan hoe goed de organisatie hier in elkaar zit. De organisatie neemt geen enkel risico en ik kan ze eigenlijk geen ongelijk geven.

Troost vond ik later in de startlijst voor de eerste etappe. Ik start niet als laatste. Dat betekent dat er meerdere mensen eerder zijn uitgevallen dan ik. Mmm. Gelukkig. Ik ben niet de enige die het moeilijk gaan krijgen komende dagen….